

Marelia is een vlinder op de planeet Lamura. Het is er altijd koud en er groeien dan weinig bloemen. Daardoor moet Marelia elke dag om eten zoeken.
‘Ik zou zo graag nectar hebben, maar ja, er zijn geen bloemen hier.
Van maanijsjes krijg ik het nóg kouder, brr.’
Hoe zou het op andere planeten zijn? Er zal toch wel een zonnige plek met veel bloemen bestaan?
‘Weet je wat, ik ga op zoek. Mijn vleugels zijn sterk genoeg om ver te vliegen!’
Ze stijgt op; vliegt hoger en hoger. Het heelal is vreselijk groot. Ze kan alle kanten op! Overal zijn sterren, manen en zonnen. En planeten! Maar welke heeft genoeg bloemen?
Marelia vliegt en vliegt, ze voelt zich krachtig met haar dunne vleugeltjes. Dat komt omdat ze zo’n trek heeft!
Na een reis van dagen en nachten landt ze op een blauwe planeet. Daar schijnt de zon!
Maar de grond is grijs en hard!
‘Help!’, hijgt ze. ‘Waar zijn de bloemen?’
‘Pssst! Hé! Jij daar! Hallo! Je zit op het asfalt! Midden op de autoweg! Kom hierheen!’ roept een lieve stem.
Marelia is helemaal uitgeput, maar ze wil niet op die grijze grond zitten. Met alle kracht die ze nog heeft fladdert ze in de richting van die lieve stem.
Achter een donker ding ziet ze een Vlinder. Die ziet er anders uit dan zij, maar het is toch een vlinder.
‘Waarom zat jij op de snelweg? Dat is heel gevaarlijk. Gelukkig waren er even geen auto’s. Hier bij de bomen ben je veilig.’
‘Snelweg? Auto’s? Bomen?’ zegt Marelia.
Vlinder kijkt haar verbaasd aan.
‘Kom jij hier niet vandaan?’
‘Ik kom van Lamura. Hoe heet deze planeet?’
‘Je bent op de Aarde. Maar hoe ben jij dan hier beland?’
‘Gewoon doorvliegen’, zegt Marelia. ‘Zijn hier bloemen? Ik heb zo’n trek!’
‘Dan moet je gauw wat eten! Kom mee, ik weet een heel mooi bloemenveld.’
‘Ik kan echt niet verder vliegen. Ik ben té moe!’
‘Oké, wacht maar bij de boom.’
‘Is dat dit grote donkere ding?’
Maar Vlinder is al weg. Even later is ze terug, samen met een grappig dier.
Het heeft een prachtige pluimstaart en … een hele bos bloemen in zijn bekje.
Hij legt ze neer bij de boom.
‘Voor jou! Eet smakelijk!’ zeggen Vlinder en Eekhoorn tegelijk.
‘Welkom op de planeet Aarde.’


